Pijn aan de buitenzijde van de elleboog

Wat is een tenniselleboog?

Pijn aan de buitenzijde van de elleboog, in de volksmond bekend als de tenniselleboog, is de
meest voorkomende elleboogklacht. Vaak komt dit voor bij mensen tussen de 35 en 55 jaar en
krijgen mannen er net zoveel mee te maken als vrouwen. Gemiddeld houden mensen tussen de
12 en 18 maanden klachten. In principe is het een self-limiting disease, wat inhoudt dat het
uiteindelijk ook vanzelf overgaat. Dit kan echter wel een langere tijd duren (12-18 maanden
gemiddeld) en het is wel van belang dat bepaalde factoren die van invloed zijn op de
ontwikkeling of instandhouding van de klacht worden herkend en aangepast.
Een tenniselleboog is een overbelasting van de aanhechting van de onderarm strekkers. Deze
hechten via een pees aan op de buitenste knobbel van de elleboog en zorgen voor het strekken
van de pols. Vaak is het een gevolg van een repetitieve beweging die met de arm is uitgevoerd,
of een belasting die is uitgevoerd vanuit een verkeerde techniek.
In sommige gevallen is niet de aanhechting van de pezen de oorzaak van de elleboogpijn, maar
komt dit door een zogeheten kapsel plooi (plica). Dit wordt vaak verward met een
tenniselleboog omdat deze zich ook aan de buitenzijde van de elleboog bevindt. Deze plooi kan,
wanneer deze veelvuldig wordt belast bij herhaalde bewegingen, wat opzwellen en gaan
‘knoepen’ bij specifieke buig- en strekbewegingen van de arm in combinatie met rotatie. Met
sporten kan dit een beperking vormen.
Ook kan pijn aan de buitenzijde van de elleboog veroorzaakt worden vanuit letsel of instabiliteit
van de buitenband van de elleboog.

Symptomen

Een tenniselleboog kenmerkt zich door pijn aan de buitenzijde van de elleboog. Vaak lokaliseert
deze zich voornamelijk rond het botpunt aan de buitenkant en het kan doorstralen richting de
onderarm. Bewegingen zoals knijpen, grijpen, tillen of het omhoog bewegen van de pols kunnen
de klachten doen verergeren. Ook directe druk op de plek kan de pijn provoceren. Wellicht voelt
u de noodzaak om de onderarm of de buitenzijde van de elleboog te masseren.
Wanneer het gaat om een plica betrokkenheid, zult u mogelijk naast pijn aan de buitenzijde ook
de ‘knoepende’ sensatie van de plooi ervaren bij specifieke bewegingen van buigen naar
strekken in combinatie met roteren.

Het onderzoek

Voorafgaand aan het onderzoek vindt er een vraaggesprek plaats om de klachten zo goed
mogelijk in kaart te brengen. Hierin wordt er gevraagd wat de klachten precies zijn en bij wat
voor handelingen deze beperkend zijn. Ook wordt er geanalyseerd wat een mogelijke aanleiding
tot het ontstaan van de pijn is geweest en welke factoren van invloed zouden kunnen zijn op het
herstel.

Bij het onderzoek zelf worden er door uw fysiotherapeut verschillende testen gedaan om te kijken welke structuren er mogelijk zijn aangedaan. Hierbij wordt de arm bewogen in een aantal richtingen en wordt ook van u gevraagd de arm in specifieke richtingen te bewegen.

Aanvullende diagnostische beeldvorming, zoals röntgenfoto’s of een MRI-scan, kan ook worden
overwogen om de oorzaak van de stijfheid verder te onderzoeken, met name als er vermoedens
zijn van bot- of kraakbeenafwijkingen. Wanneer er verdenking is van een plica betrokkenheid of
andere onderliggende klachten, kan er wel voor worden gekozen deze onderzoeken uit te
voeren om een zekere diagnose te kunnen stellen.

Behandeling

Conservatief
Omdat het in principe gaat om een overbelastingsklacht, begint het herstel bij het in kaart
brengen en wegnemen van deze belastingprikkel. Een beginnende tenniselleboog kan aanvoelen
als een soort ontsteking en deze is zeer licht ontvlambaar bij bewegingen met de onderarm.
Deze fase noemen we de acute fase. Juist in deze fase wordt relatieve rust en beweging binnen
de pijngrens aangeraden. Handelingen als kracht zetten, knijpen, grijpen, tillen of het uitoefenen
van specifieke sporten waarbij de pols en onderarm veel worden ingezet, worden afgeraden.

Er met een fysiotherapeut worden gekeken naar welke punten er in de keten (schouder, nek,
bovenrug) mogelijk beperkt zijn en van invloed kunnen zijn op het ontstaan van de klachten.
Deze kunnen met oefeningen en behandeling worden verholpen. Ook zijn er specifieke
oefeningen die kunnen worden ingezet voor de elleboog en onderarm, welke zich richten op
bijvoorbeeld rekken en in een latere fase ook weer versterken van de arm- en keten
gerelateerde spieren. Deze opbouw naar oefeningen gericht op kracht en sport specifieke
bewegingen, is mogelijk wanneer de reactiviteit (irritatie niveau) van het weefsel wordt
gerespecteerd en het de kans krijgt te herstellen. Voornamelijk bij een eerste tenniselleboog, in
een acuut of subacuut stadium, biedt deze behandeling een goede oplossing.

Bij voortdurende overbelasting en onvoldoende herstel kan het zo zijn dat de tenniselleboog
meer chronisch van aard begint te worden. Hierbij is er op weefselniveau reeds zoveel
overbelasting en sprake van micro- beschadiging geweest, dat de pees wat degeneratief van
aard wordt. Herstel gaat dan moeizamer en neemt meer tijd in beslag. Ook hierin kan de
fysiotherapeut u initieel begeleiden met passende therapie, oefeningen en advies.

Orthopedisch
Bij onvoldoende herstel of aanhoudende pijn, kan er worden overlegd met de orthopeed of er
andere behandelmogelijkheden zijn. Vroeger werd er vaak gebruikgemaakt van
corticosteroïden injecties, echter is inmiddels bekend dat deze op de korte termijn wel
pijnvermindering geven maar op de langere termijn juist negatieve effecten kunnen hebben op
weefselniveau.

Er zijn ook andere mogelijkheden als autologe bloed injecties, waarbij een injectie met
lichaamseigen bloedplaatjes wordt gegeven in de elleboog met het streven het herstelproces te
doen bevorderen wanneer het natuurlijke herstel niet of onvoldoende plaatsvindt. Naar het
effect hiervan wordt nog onderzoek gedaan. In heel enkele gevallen wordt er overgegaan op
operaties waarbij de pees wordt ‘schoongemaakt’ (een nettoyage), al komt dit nog heel weinig

voor gezien de over het algemeen goede resultaten van conservatieve (niet-operatieve)
behandelmogelijkheden waar de voorkeur naar uitgaat indien mogelijk.

Wanneer het niet gaat om een tenniselleboog maar de plica de bron van de pijn vormt, kan ook
initieel fysiotherapie een uitkomst bieden. De behandeling hiervan lijkt in het begin relatief veel
op wat hierboven beschreven staat over de tenniselleboog: de belasting moet eraf en oefeningen
kunnen vervolgens worden opgebouwd op geleide van reactiviteit. Indien de plica geïrriteerd
blijft, kan een kleine operatie bij de orthopeed waarbij de kapsel plooi wordt weggehaald en het
kapsel weer wordt dichtgemaakt, een dankbare uitkomst bieden. Hierna zult u ook een periode
fysiotherapie volgen om de arm weer gereed te maken voor specifieke bewegingen en sport.

Welke disciplines zijn er mogelijk betrokken bij elleboogpijn aan de buitenzijde?
Zoals besproken kunnen een fysiotherapeut en/of een orthopeed (of andere 1,5- 2e lijns zorg
specialisten in het ziekenhuis zoals Physician Assistants en Extended Scope Specialisten) een rol
spelen in uw behandeltraject. Ook kan er, in overleg met uw behandelaren, een ergotherapeut
worden ingeschakeld indien uw klachten verergeren in een bepaalde werk- of thuis situatie. De
ergotherapeut kan meekijken naar de setting en instellingen om te beoordelen of hier iets aan
gewijzigd kan worden.